Wie mooi wil zijn moet pijn lijden

Dat zei mijn moeder vaak. Ik weet eigenlijk niet meer in welke situaties.

Maar sinds gisteren word ik aan die uitspraak van haar herinnerd door mijn eigen toedoen. Dat zit namelijk zo:

Vier weken geleden, op mijn verjaardag, ging ik na thuiskomst van onze korte vakantie op zoek naar een tattooshop. Niet voor een tattoo, maar ik wilde nieuwe gaatjes in mijn oren, om het nieuwe paar oorbellen dat ik voor mijn verjaardag had gekregen goed te kunnen dragen. Mijn oude gaatjes waren uitgezakt tot een gleuf. Waarschijnlijk door het te vaak dragen van te zware oorhangers.

Natuurlijk was er voor Ahmad niets aan om met me mee te gaan, maar toch ging hij met me mee naar de tattoowinkel. Arm in arm gaan wij overal heen, elkaar steunend door dik en dun, zeker op mijn verjaardag.

De tattooshop bleek dicht te zijn. We liepen de apotheek ernaast binnen om te vragen of men daar meer wist van de openingstijden van de tattooshop, want die stonden niet aangegeven op de winkel. Ons werd verteld dat de tattoo-zetter (en piercer) alleen werkte op afspraak. Ik vertelde dat we kwamen voor gaatjes in het oor. ´O, maar dat doen wij ook,´ zei het meisje dat werkte in de apotheek. Nou, dat kwam mooi uit. Het leek me ook wel zo vertrouwd en hygiënisch dat een apotheek zoiets zou uitvoeren. Dus ik liet me prikken in beide oren. Dat is zo gebeurd met zo een prikpistool.

Ik had er nauwelijks last van. Het ene oor wat meer dan het andere, maar dat was maar één nachtje ongemak. Gisteren besloot ik in mijn linkeroor nog een gaatje te laten prikken. Een knopje schuin boven het andere gaatje. Dat vind ik leuk staan.

Dus hup, voor het doen van de boodschappen gingen we weer langs de apotheek. En rambam, voor ik het wist had ik een tweede gaatje.

Maar o hel! Dit gaatje doet veel meer pijn dan de eerdere twee gaatjes. Waarom weet ik niet. Het is of mijn linkeroor de hele dag in de hens staat. Ik kan ook niet slapen op die zij. Ahmad verzorgt mijn zelf gekozen verwonding drie keer per dag met jodium en ik slik paracetamol, wat nauwelijks verlichting geeft.

En ja, nu schieten de woorden van wijlen mijn moeder me te binnen. Het zal hopelijk wel weer overgaan, maar als ik het van te voren had geweten…….

Artistieke kapster

Een paar maanden geleden heb ik me hier laten wassen, knippen en föhnen door Patricia Vega, een kapster in Alhaurin de la Torre met 5 sterren in de reviews. En dat verdient ze ook. Al een paar keer heeft ze me heel goed geknipt, op één keer na. Maar dat wil ik door de vingers zien. Die dag maakte ik een dubbele afspraak bij haar voor mezelf en Ahmad. Het was vlak voor de Semana Santa en zij had het die dag al berendruk. Ze heeft ons toen allebei een beetje afgeraffeld. Ahmad zei toen: ´Nooit meer,´ ook al vanwege haar sympathieën voor het Legión Española in de heilige optocht.

Maar ik bemoei me niet met haar politieke voorkeur. Denk alleen aan haar vaardige handen, die de schaar spelenderwijs en schijnbaar als vanzelf plukjes uit mijn haar laten knippen, terwijl zij het haar van links naar rechts en naar voren en naar achteren laat dansen.

Vanmorgen had ik weer een afspraak met haar, om 9.30 uur als eerste klant. Eigenlijk zat mijn haar nog heel goed na de vorige knipbeurt en normaal ga ik niet vaker dan eens per half jaar. Maar omdat ik weer naar Nederland ga volgende week en ik daar nog steeds geen goede kapper weet, dacht ik: ´Kom op! Nog een knipbeurt.´

Ik wilde het wat korter hebben. Een paar centimeter eraf en dan weer lagen. Ik dacht daarbij aan het kapsel van mijn jongste dochter, dat haar heel goed staat.

Dit had ik in gedachte. Denk daarbij mijn oude kop.

Als ik in snelpas kom aanwandelen, zie ik dat Patricia nog op het terras zit te ontbijten naast haar kapperszaak. Ik maak een gebaar naar haar dat ze rustig kan blijven zitten (stilo Andalus, neem de tijd voor alles) en ik ga zelf zitten op het smeedijzeren bankje tegenover haar zaak. Ik maak nog even een selfie van mezelf van mijn hoofd vóór de knipbeurt (voor mijn kinderen).

La señora Patricia, links aan tafel op het terras.

Even later mag ik naar binnen en wast zij geroutineerd mijn haar. Haar wasbakje is heerlijk zacht voor mijn kippenekkie en intussen kijk ik naar de mooie, levensgrote foto van haar twee toen nog kleine zoontjes aan de muur. Het zijn nu middelbare scholieren.

Ik denk dat het een twee-eiïge tweeling is. Heb dat nog niet gevraagd.

Als ik voor de spiegel ga zitten, vraagt ze me niet wat ik wil. Ongevraagd zeg ik dat ik er een dikke twee cm af wil hebben en vervolgens lagen. Ze trekt zich daarvan niet veel aan, maar begint direct enthousiast in mijn lagen te snoeien. Ik besluit maar niets te zeggen en deze artista gewoon haar gang te laten gaan. Ik wil het creatieve proces vooral niet verstoren en houd mijn bakkes dicht achter mijn mondkapje, terwijl zij bezig is op de maten van Spaanse rapmuziek. Als ze klaar is, veegt ze direct de haren al aan alvorens met föhnen te beginnen. ´Is het van achter niet te lang?´ vraag ik voorzichtig. Zij wuift dit heel beslist weg. ´Zo is het echt goed geknipt, want recht afgeknipt zou mijn haar te zwaar worden. ‘Nu heb ik echt een stuk meer volume in mijn haar.’ Ik ga niet met haar in discussie, want met deze potige dame, die twee keer mijn gewicht heeft, wil ik geen ruzie. Eén klap, en ik lig plat op de marmeren vloer. Nee, dank u wel..

´Eres una artista,´ vlei ik haar. En ik meen het nog ook. Bij het afrekenen (20 piek maar) zeg ik dat ik naar Nederland ga en dat ik daarom ben langsgegaan voor deze extra knipsessie. ´In Nederland is het veel duurder, hè,´ zegt ze begripvol. ´Dat ook, maar dat maakt me niet eens zoveel uit. Jij knipt veel beter,´ zeg ik. ´In februari kom ik terug.´

Je moet je kapper te vriend houden. Ik wil dat ze de volgende keer weer zo haar best doet. Mijn haar is niet veel korter geworden dan het was en het is een heel ander modelletje dan dat van mijn jongste dochter. Maar ieder heeft zijn eigen stijl die bij hem of haar past en je moet nooit vergelijken.

Ik denk terug aan de roze jas, die een vriendin van vroeger heel goed stond, maar totaal niet paste bij mij. Bijna had ik toch zo een jas gekocht ?.

Ik voel me hier eigenlijk wel thuis

Ik denk dat het vrijwel dagelijkse mooie weer hier zeker aan meewerkt. Maar ook is het leuk om in dit gezellige dorp rond te lopen, waar iedereen elkaar groet op straat, of je elkaar nu kent of niet.

Ik zeg weleens tegen Ahmad, dat als hij eerder mocht komen te overlijden dan ik, dat ik dan niet meer hierheen zal willen gaan. Maar op zo een dag als vandaag denk ik: ´Als ik geen kinderen zou hebben, dan zou ik hier wel in mijn eentje kunnen blijven wonen zonder me verloren te voelen. Ik merk dat ik evengoed als in Nederland ook hier gemakkelijk een praatje maak op straat met mensen.

Maar …… ik zou niet voor altijd ver van mijn kinderen willen wonen. Dus dat bepaalt dat ik er toch voor zou kiezen om permanent in het grijze en grauwe Nederland te blijven wonen, ook al word ik misschien te zijner tijd uit mijn gezellige eengezinswoning gezet, die dan plaats moet maken voor kolossale flats met binnentuinen, aangelegd op ondergrondse garages. Een gruwelijk plan, dat hoop ik niet zal doorgaan.

Vandaag kijk ik Ahmad in zijn lieve ogen. ´Wat hebben we toch geluk om hier samen te mogen zijn.´ Hij vindt dat ook. ´Als ik eerder overlijd dan jij, dan pak je in Nederland lekker mijn mooie auto en rijd je ermee naar hier.´ ´Ik wil er niet aan denken,´ zegt hij verdrietig. ´Ik zou niet meer gelukkig zijn.´ ´Je gaat dicht bij je kinderen wonen,´ zeg ik. ´En zij zullen heel lief voor je zijn. Maar beloof me dat je het contact met mijn kinderen nooit zal verbreken. Zij houden ook veel van je.´ Hij zal zeker contact houden, zegt hij.

Ik zit daarna in gedachten een beetje te hoofdschudden naar mezelf. Het lijkt wel of ik nu al nadenk over afscheid. Niemand weet hoe de toekomst eruit ziet en wie er wanneer en waar zal sterven. Maar dat we een keer doodgaan is zeker. Tot het zover is, ben ik zielsgelukkig zo te mogen leven met mijn lieve maatje aan mijn zijde, zowel hier als in Nederland.

Oudste kleinzoon vandaag 24 jaar

Tja, dan weet ik zeker dat ik behoorlijk oud ben geworden. Hij werd geboren toen mijn jongste zoon net 7 jaar was. Dus het leeftijdsverschil tussen die twee is niet groot.

Links mijn jongste zoon en rechts mijn oudste kleinzoon in 2012. De foto is genomen op mijn 62e verjaardag. Ze waren respectievelijk 22 en (bijna) 15 jaar

Op de één of andere manier staan de dingen die ik met deze kleinzoon meemaakte me nog heel helder voor de geest. Als baby woonde hij een aantal jaren met zijn ouders bij me in huis en later bracht ik hem vaak naar school in de vruchtenbuurt in Den Haag, want mijn dochter was toe nog politieagent met onregelmatige diensten. Eerst was dat op de brommer en later (toen ik me eindelijk een rijbewijs gunde) met de auto. Daarna moest ik dan snel door naar mijn werk. Ik kan me verschillende momenten herinneren die ik met hem deelde en waarover we toen spraken. Dat heb ik minder met de andere kleinkinderen.

´Je haalde zijn (8 jaar jongere) broertje ook weleens op van de opvang,´ zegt Ahmad vanmorgen bij het ontbijt. ´Is dat zo en welke opvang dan?´ Ik herinner me die opvang niet meer. En nu ineens, al schrijvende, komt in mijn herinnering terug dat deze kleinzoon zich altijd verstopte als ik hem kwam halen van de opvang. Dus ik weet het nog wel. Maar waar die opvang zich bevond, weet ik niet meer. Ahmad weet het wel, maar toen hij me het vanmorgen op googlemaps aanwees begon het me nog steeds niet te dagen.

´Zou mijn geheugen aan het aftakelen zijn?´ vraag ik Ahmad. ´Welnee, ik denk het niet,´ meent hij. Hij zegt dat hij zich ook weleens iets niet meer kan herinneren wat ik me wel herinner.

Even later drinken we koffie op het terras. Als ik daarna afwas, vraag ik Ahmad of hij mijn telefoon wil pakken die ik onder de tafel in de schaduw heb gelegd. ´Dat hoeft niet,´ zegt hij. Je telefoon ligt al binnen op tafel. Kennelijk heb ik hem zelf al binnen gelegd. Maar dat weet ik niet meer. ? Laten we het er maar op houden dat je sommige dingen zo automatisch doet, dat je ze niet in je geheugen opslaat. ?

Ik ben mijn kleinzoon niet vergeten te feliciteren ?

De donkere dagen voor kerstmis

Hier zijn de dagen niet zo donker. Overdag schijnt er een stralend zonnetje en het wordt een stuk later donker dan in Nederland. Maar toch ben ik al ´in de mood´ voor kerstgedachtes. Als we naar de winkel gaan, zit er bij elke ingang wel een man of vrouw met een uitnodigende boodschappentas en een kartonnen bord met de tekst: ´Ik heb geen werk en vraag eten voor mijn kinderen´. Al een paar keer hebben we boodschappen gedoneerd, door mij zorgvuldig uitgezocht. Maar het is wel een plotselinge invasie van ´boodschappenvragers´. Bij de Mercadona, de Aldi, de Lidl, enzovoort. ´Zou er een organisatie achter zitten?´ vraag ik Ahmad. Hij weet het niet. Wel is hij van het principe dat hij wel boodschappen wil doneren maar geen geld. Eigenlijk houdt hij helemaal niet van bedelaars, deze door een werkzaam leven geharde man. Hij heeft in zijn jonge jaren als lager geschoolde ook vaak moeten zoeken naar werk en ging daarvoor helemaal naar Barcelona. Hij gaat uit van het principe dat er altijd wel werk is. Als je maar zoekt.

Enfin, de plotseling overal opduikende bedelaars bij elke winkelingang zijn dus een verschijnsel dat een beroep doet op de kerstgedachte. Al weken hangt hier boven de straten kerstversiering. Hier heeft men niks te maken met Sinterklaas.

Ik bespeur in mezelf de laatste tijd een kleine verandering. Ben minder actief dan anders en denk daarbij: ´Dat mag gerust voor een oudje van 71 jaar. Laat Ahmad maar brommen met zijn slijptol. Ik neem het ervan en doe alleen wat echt moet´. Je hoeft trouwens niet oud te zijn om te genieten van een activiteit-loos, contemplatief leven. Ik kon dat al als nog niet schoolgaande kleuter of peuter. Kan me nog herinneren hoe ik het heerlijk vond zomaar wat uit het raam te kijken, terwijl mijn moeder onder begeleiding van een muziekje het huishouden aan het doen was. Ik was een rustig kind en ben nu eigenlijk ook een rustig oudje. Dankzij Ahmad ben ik af en toe ook nog wel eens actief met iets creatiefs bezig. Zien werken doet werken, maar niet altijd!

Gisteren ging ik wat mensen die ik van heel vroeger ken opzoeken op google. Ik heb met zoveel mensen alle contact verloren door verhuizingen en dergelijke. Vroeg me ineens af hoe het nu gaat met die mensen. Wat zijn ze gaan doen in hun leven? Leven ze nog? Toen realiseerde ik me dat ik me van sommigen niet meer herinner dan de voornaam en niet eens de achternaam. Dan is het moeilijk zoeken. Maar van enkelen wist ik nog de hele naam en dan zie je van alles op google. Welk beroep iemand uitoefent zie je vaak op LinkedIn. Sommigen blijken een twitteraccount te hebben, waarop ze gedachten spuien die een inkijkje geven in hun interesses. Anderen hebben zichzelf zo afgeschermd dat er niets van ze te vinden is op internet. Of ze zijn stilletjes overleden.

Wat me schokte was dat twee docenten onder wier begeleiding ik mijn psychologiestudie afrondde overleden zijn. Natuurlijk, ze waren wat jaren ouder dan ik, maar toch geeft het een gevoel van verlies. Ook al had ik helemaal geen contact met deze mensen, die een stuk succesvoller waren in hun beroepscarrière dan ik.

En zo lummel ik wat aan. Het is best heerlijk, dat niksen. Ik deed het al als baby en dat komt nu helemaal terug. Ik gaf als baby geen kik. Soms ging mijn moeder kijken of ik nog wel leefde en dan zag ze me wakker in de wieg liggen met mijn ogen wijd open, kennelijk tevreden met mijn eenzaamheid. Het duurde meer dan een jaar voordat ik aanstalten maakte om te gaan lopen. Maar dat kan ook gelegen hebben aan het feit dat ik weinig uit de box werd gehaald en we in die tijd erg klein behuisd waren. Kortom, ik was geen onruststoker en dat ben ik nu nog steeds niet.

Series kijken op Netflix

Zondagochtend

Series kijk ik op de fiets (hometrainer). Hier is dat met mijn neus op de smart TV en in Nederland kijk ik op mijn tablet die zich dan in de tablethouder aan het stuur bevindt.

Het is een dagelijkse bezigheid, hier altijd verricht in de ochtend, als het nog een beetje fris is. Tijdens mijn dagelijkse 10 kilometer (met enige weerstand) kan ik één of meer afleveringen kijken zonder me schuldig te voelen dat ik tijd zou verbeuzelen. Ik ben immers sportief bezig.

Het valt niet mee om telkens weer een nieuwe serie te vinden, die ik de moeite waard vind. Soms raadpleeg ik daarvoor mijn kinderen, die in veel dingen dezelfde smaak hebben als ik. Nu kijkt mijn jongste zoon Downton Abbey. Een serie die volgens mijn schoondochter vrij traag verloopt, maar wel onderhoudend is om naar te kijken. Ik heb destijds met veel plezier gekeken naar the Crown. Daarom besloot ik deze serie ook een kans te geven. Ik zag direct dat de serie veel seizoenen heeft . Dat zou betekenen dat, als de serie me zou aanstaan, ik ook voor een flinke tijd ´onder de pannen´ ben met mijn kijkgenot en niet snel hoef te zoeken naar weer een andere serie.

De serie valt me niet tegen. Het is onderhoudend om de belevenissen van deze kakkers te zien aan het begin van de 20e eeuw en ook het leven van hun bedienden. Een soort GTST in de klassieke tijd. Goed gespeeld, zoals ik gewend ben bij Engelse series. De Engelsen met hun ´stiff upperlip´, subtiele humor en uitgestreken gezichten tijdens intriges vervelen mij niet. Ook leuk om op die manier een kijkje te nemen in die ´goede oude tijd´, toen er nog geen plastic verpakking was en al die andere ´verworvenheden´. In de beginjaren van elektriciteit, telefoons en gemotoriseerd verkeer. Dus dat is smullen, elke ochtend.

Ik ben geen piekeraar, maar af en toe denk ik wel even na. Zoals vanmorgen bij de ontbijttafel. Ik deelde op de valreep mijn gedachte met Ahmad. ´Wij leven niet zo lang meer, maar soms denk ik aan de kleintjes van nu. Wat zal hun toekomst zijn? Hoe gaan we de problemen die we nu zelf hebben laten ontstaan met onze technologische ontwikkeling en onze alsmaar toenemende consumptiedrang oplossen?´ Alleen om die reden zou ik als een eeuwig levende vlieg op de wand erbij willen zijn en willen zien hoe alles verder gaat als ik er niet meer ben.

Het is zoals het is

Hoe ouder ik wordt, hoe meer ik alles aanneem voor wat het is. Natuurlijk kan ik me wel druk maken om het ongelijk verdeeld zijn van kansen, middelen, gezondheid, huizen enzovoort. Af en toe krijg ik nog weleens een aanval daarvan. Maar over het algemeen leg ik me neer bij de gebeurtenissen zoals ze komen. Ik besef dat ik er niets aan kan veranderen, behalve in mijn kleine kring elke dag mijn best doen fatsoenlijk om te gaan met mijn omgeving. En accepteren hoe de dingen gaan.

Terwijl Ahmad alweer bezig is met een volgend glas in lood werkje (dit keer een doosje voor de babybenodigdheden van zijn dochter), zit ik maar wat te dromen. Beurtelings op het terras (net iets te heet in de zon) en dan weer hier in de achterste kamer op het noorden aan de laptop (om af te koelen). Ik bekijk op Picasa alle foto´s die ik de afgelopen jaren maakte. Op zoek naar een nieuw schilderonderwerp (Waarom eigenlijk? Ik heb er voorlopig geen zin in).

Deze foto, genomen in het Zuiderpark, wilde ik naschilderen. Maar ik weet dat dit landschap mooier is in een ander jaargetijde, als er meer in bloei staat….

Ik zie al die oude foto´s, gemaakt in Nederland en hier. Bij het kijken ernaar herinner ik me ook het enthousiaste gevoel waarmee ik ze maakte. Het was nieuw voor me om hier te zijn en de sfeer vanhier op te snuiven. Alles was verrassend voor me en ook Ahmad en ik waren bezig elkaar steeds beter te leren kennen. En nu zitten we in een soort luwte. We kennen elkaar inmiddels door en door en ik ben ook helemaal gewend aan het leven afwisselend hier en daar. Voel dan niet de behoefte zoveel te delen met anderen, wat in het begin wel zo was. Het hele idee van mijn gedachten formuleren in een weblog was voor mij spannend. Video´s maken en daarbij een muziekje zoeken vond ik leuk. Daarna werd mijn hobby schilderen.

Ons huis hier en in Nederland is ruim voorzien van mijn werkjes en die van Ahmad. Ook sommige anderen hebben wat van mij gekocht of gekregen. Ik heb geen ambitie. Wil leven in het moment, voorlopig niet produceren maar vooral vernemen hoe anderen tegen het leven aankijken. Sommige dingen die ik hoor en zie spreken me aan. Ik herken me in de boeken van Kees van Beijnum. Het knappe vind ik dat al zijn boeken verschillend zijn en vanuit een totaal andere invalshoek geschreven. Toch meen ik achter al die verhalen iets van de schrijver te herkennen. Ik vermaak me enorm met zijn boeken en zal het jammer vinden als ik ze allemaal gelezen heb. Dan moet ik weer op zoek naar een andere schrijftalent van wie ik kan genieten.

Nog 13 dagen. Dan gaan we weer naar Nederland. Kijken hoe het daar is.

Duidelijk en onduidelijk

Vaak wordt in Nederland opgemerkt dat het beleid van de regering wat betreft maatregelen tegen corona onduidelijk en wisselvallig is. ´Nog even volhouden´, werd er een tijd terug gezegd. ´Nog even die vervelende beperkingen doorstaan. Het einde is in zicht en dan gaan we terug naar normaal.´ Dat is een belofte die helemaal niet gemaakt kon worden op grond van de feiten. En het is een manier waarop tegen kleine verwende kinderen wordt gesproken: ´Als je nu je groenten opeet, krijg je straks een lekker toetje.´

En nu kleurt Nederland donkerrood en worden er, na het vrijwel volledig loslaten van vrjwel alle beperkingen, opnieuw regels ingevoerd. Dat is verwarrend voor veel mensen.

Waren we maar consequent gebleven in Nederland. Door voorzichtig de teugels wat te laten vieren en niet alle voorzichtigheid in één klap overboord te gooien.

Ik merk dat mensen op dit alles heel verward kunnen reageren. Belde vanmorgen mijn buurvouw, met wie ik gedurende mijn verblijf hier telefonisch contact ben blijven houden.

´Heel Den Haag gaat op slot,´ zegt ze. ´En alle werknemers moeten vanaf nu een QR code hebben.´ Ik stel haar gerust en zeg dat ik uit de kranten andere informatie heb. ´Een heel bejaardenhuis, waar alle mensen drie keer waren ingeënt, is besmet,´ vervolgt zij. Ik bedenk dat dit niet kan, omdat men nog moet beginnen met het geven van een derde prik. Er volgen meer indianenverhalen uit haar mond, die ze grotendeels ontleent aan wat ze hoort op Radio West en wat haar zoon haar vertelt.

En dan zegt ze dingen die op mij verstandiger overkomen. Ze gelooft niet in de goede werking van inentingen, maar wel in voorzichtig zijn. ´Mensen moeten gewoon schoon zijn op hun eigen lichaam, hun handen wassen en voorzichtig zijn op plaatsen waar ze komen,´ vindt zij.

Mijn buurvouw is iemand met veel levenservaring en lang niet achterlijk. Als zij al een beetje van de wijs raakt door alles wat er gebeurt rondom het coronabeleid, wat moeten anderen met minder wijsheid en intellectuele bagage dan vinden en ervaren bij een zo schommelend en onzeker beleid? De ´eigen verantwoordelijkheid´ die mensen zouden moeten kunnen dragen wordt zwaar overschat.

Hier in Spanje is de bevolking overwegend gehoorzaam aan het gezag, met name in Andalusië. Het coronabeleid is duidelijk en consequent en niemand stelt het ter discussie (op wat opstanden in het noorden van Spanje na). Dat geeft in ieder geval houvast voor de mensen.

Een herder moet zijn schapen goed leiden en niet ze alle kanten opsturen. Dat geeft wanorde en verlies van eenheid in de kudde.

Korte broeken

Het is hier ook herfst. Maar hier houdt dat (bij geen regen) in dat het overdag in de zon aangenaam warm is en alleen in de avonden fris wordt. Nog geen kachelweer.

Vandaag had ik het gekke plan om weer eens naar de boulevard en het haventje van Benalmadena te gaan, waar we sinds de lockdown hier afgelopen jaar niet meer geweest zijn. Ik hoopte ook misschien een rokje of jurkje te kunnen scoren voor de komende winter, omdat ik in Benalmadena eerder weleens goed geslaagd ben.

Het voelde gek om me voor dit uitje weer eens op te tutten met een rokje en een panty in plaats van een broek. Dat ben ik eigenlijk de afgelopen twee jaar helemaal ontwend. Het werd wel zeer gewaardeerd door de man naast me. Hij is helemaal geen shopper, ik trouwens ook niet, maar ik wilde toch een kansje wagen voordat we weer naar Nederland gaan.

Dus Ahmad kroop na onze tweede koffie achter het stuur van ons autootje en wij gingen op weg. De weg vanhier naar Benalmadena is geen prettige. De belijning is vaag en onduidelijk en er zitten hier en daar gaten in de weg, die wij gelukkig inmiddels kennen. Het was behoorlijk druk op de weg. En in Benalmadena zelf was dat helemaal erg. De weg loopt nogal hellend naar beneden, richting zee. Onderweg zijn veel zebrapaden, die je bij tegenlicht nauwelijks ziet. Zo onduidelijk is de belijning. De weg was druk en overal liepen voetgangers. Dat hadden we helemaal niet meer verwacht in deze maand. Veel mensen in korte broeken en zomertopjes. Overwegend in de pensioenleeftijd. Je kon precies zien wie de toeristen waren.

Met moeite laveerde Ahmad door al deze drukte heen. Je moet echt goed opletten in dat verkeer met talloze kruispunten en rotondes. Uiteindelijk bereikten we ons ´geheime´ parkeerterrein vlakbij de boulevard.

Weggetje vanaf de parkeerplaats naar de boulevard
Zowaar! Badgasten nog….

We gingen lopen. Vlak langs de zee stond geen zuchtje wind en de toeristen bleken dit keer gelijk te hebben met hun zomerse dracht. Wij waren eigenlijk te warm gekleed. Maar wat voelde ik me rijk, daar te lopen als niet toerist. Wat een voorrecht om zo lang en zo veel van de zon te mogen genieten zonder in een hotel te hoeven bivakkeren. Ik keek naar de oudere mensen in hun soms te jeugdige kloffie. Ik zag een jong gezin met een nog niet schoolgaand kindje uit het Spaanse ´Sealife´ komen. Ze zagen er tevreden uit. Maar ik kreeg een melancholiek gevoel van medelijden. ´Het hele jaar werken deze mensen,´ zeg ik tegen Ahmad. ´En dan hebben ze eindelijk vakantie en dat is dan hier rondlopen.´ Misschien zie ik het te dramatisch, zoals ik vroeger in de klas soms in mezelf moest huilen. Ik kon een intens triest gevoel krijgen als ik mijn klasgenoten op een toffee zag kauwen, wanneer iemand jarig was en getrakteerd had. Onverklaarbare tristesse.

Er was voor mij niets in de winkels en snel liepen we dan ook weer terug. ´Het is maar goed dat er niets was,´ zeg ik tegen Ahmad. ´Ik had niet echt wat nodig.´ Terug langs de terrassen lopend zie ik mensen drinken en eten in de zon. Ze kijken niet blij.

Na het uitje in Belamadena rijden we terug via Torremolinos, waar we in Carrefour een paar potten jam, maggi, pikante paprikapoeder en een nieuwe wok kopen. We zijn niet voor niets gegaan. Bij thuiskomst staat eten op ons te wachten in de ijskast. De paella die Ahmad gisteren maakte en waarvan we drie dagen eten. Met heerlijke gamba´s en daarbij dunne plakjes tomaat met een sausje van olijfolie met knoflook en peterselie. En zoete meloen als nagerecht. Op ons balkon in de zon. Wat een zoet leven.

Lekker fris, lekker anders

Van de ene dag op de andere is de temperatuur hier zo een 10 graden gezakt. Dat is wel tijdelijk, want over een week zal de temp weer zo een 5 graden stijgen. Het heeft vooral gevolgen voor de nachten en ochtenden. Gingen we eerst zo vroeg mogelijk op pad om de hitte voor te zijn, nu is het beter om wat later te gaan.

Ja, ik kom eraan ?
Wie is die man? ?

Maar verder is ons leventje hier niet echt veranderd. We zijn lekker bezig. Ahmad heeft een servethouder gemaakt voor de vriendin van zijn zoon.

En ik leg de laatste hand aan een schilderij. Daar ga ik nu mee verder.