Iedereen gaat een keer dood

Dat is een waarheid als een koe. Hoe ouder ik word, hoe meer ik me daarvan bewust word.
Er zijn tijden geweest dat ik best dood wilde, er tussenuit knijpen, me verwijderen van de ellendige situatie waarin ik toen verkeerde en waaruit ik geen uitweg zag. Maar ik deed in die akelige periode toch niets om mijn dood te versnellen. Ik had kleine kinderen en die hadden mijn zorg nodig. Dat hield me o.a. tegen om voor de dood te kiezen.
Nu ben ik op een leeftijd dat de dood steeds dichterbij komt. Ik besef dat dit normaal is en van mij mag dat nu ook gebeuren, want er is niemand meer die van mijn zorg afhankelijk is. Mijn kinderen zijn allen volwassen en in staat om voor zichzelf te zorgen.
Dat wil niet zeggen dat ik nu graag snel dood wil, want ik ben juist op dit moment gelukkiger dan ooit in mijn leven. Maar…..de dood kan elk moment komen en ik ben erop voorbereid.
Vannacht kreeg ik een voorproefje van het acute ‘gevoel dat het afgelopen is’ wat betreft dit aardse bestaan, en wel in een droom.
Ik droomde dat ik naar de bovenste verdieping wilde gaan van een groot donker gebouw. Ik probeerde buiten langs het gebouw naar boven te klimmen via trappen die langs de muren liepen. Het was donker en de trappen zagen er gammel uit en waren niet compleet en leidden nergens heen. Ik besefte dat het me niet zou lukken omhoog te komen langs de buitenmuren van het bijzonder sombere, vervallen en grauwe gebouw. Daarom besloot ik naar de andere kant van het gebouw te gaan en daar was een ingang. Ik liep naar binnen en kwam bij een lift.
Ik opende de deur van de lift en stapte in de lift. Maar……er was geen liftcabine en dus viel ik naar beneden! Ik weet nog dat mijn jongste dochter ‘mamma’ riep en ik besefte dat er niets was wat ik terug kon zeggen. Mijn lot was beslist: ik was naar beneden aan het vallen.
Het vreemde was dat ik me vrij rustig voelde. ‘Dat was het dan’, dacht ik. ‘Daar ga ik.’ Ik bleef vallen naar beneden, maar ik bleef daarbij ook in rechtopstaande houding. Mijn val leek bovendien steeds langzamer te gaan naarmate ik verder afdaalde. Ik raakte de grond niet en voelde toen dat ik weer langzaam omhoog ging….om tenslotte weer op het punt te komen waar ik naar beneden was gevallen. De liftdeur ging weer open. Er stond inmiddels een groepje mensen te wachten op de lift. Ik liep naar buiten en zei tegen hen: ‘Deze lift is buiten gebruik’.
Ik werd in de ochtend wakker met een raar gevoel en een nog verse herinnering van het sombere gebouw waarin ik was geweest.Ik dacht na over de dood en bedacht me dat ik daar nu inderdaad niet meer zo bang voor ben als vroeger. Ik kan gemist worden en dat geeft rust…Maar als ik nog wat jaren verder mag leven, stel ik dat wel erg op prijs.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *